Nieuws

Salarisonderhandlingen

4 tips: uitzendkrachten betalen via de inlenersbeloning

Uitzendkrachten in dienst? Dan moet u deze nu vanaf dag één betalen volgens de inlenersbeloning. Waar moet u op letten bij het toepassen van deze regel?

Gelijk loon voor gelijk werk. Vanaf deze week is deze regel van toepassing op alle uitzendkrachten die onder de ABU-CAO voor Uitzendkrachten werken. En dat zijn er zo’n 700.000, want deze cao werd onlangs algemeen verbindend verklaard. Heeft u uitzendkrachten in dienst, dan moet u hen dus vanaf dag één hetzelfde loon betalen als medewerkers in dienst met dezelfde functie. ‘Loon’ heeft hier betrekking op zes loonaspecten: loon in de schaal, ADV/ATV-dagen, toeslagen, onkostenvergoedingen, initiële en periodieke loonsverhogingen.
De inlenersbeloning is niet nieuw, maar ging voorheen pas gelden wanneer de uitzendkracht langer dan 26 weken door de opdrachtgever werd ingehuurd. Toch krijgt de branchevereniging voor uitzenders momenteel veel vragen van werkgevers over de inlenersbeloning, zegt Laura Spangenberg, beleidsmedewerker bij ABU. Samen met Spangenberg zetten we de vier belangrijkste aandachtspunten op een rij.

1. Deel de uitzendkracht in op een bestaande functiegroep

Werkgevers zeggen wel: ‘We huren nu een uitzendkracht in, maar we hebben zelf geen mensen in dienst voor die functie. Dus we kunnen hem niet inschalen op een functiegroep.’ Maar zo werkt dat niet. Bekijk eerst of er een cao van toepassing is. Ook al heeft de werkgever niemand in dienst in deze functie, de uitzendkracht moet wel worden ingeschaald op een functiegroep uit de cao waar de opdrachtgever mee werkt. De werknemer moet immers een loon ontvangen conform de cao.

TIP: Lees meer over de werkingssfeer van bedrijfstak-cao’s op PW De Gids Vakbase.

2. Betere arbeidsvoorwaarden dan de cao gaan voor

Als u een eigen bedrijfsregeling heeft en u biedt betere arbeidsvoorwaarden dan de cao die op uw organisatie van toepassing is, dan geldt de eigen regeling ook voor de uitzendkracht. Het gaat er natuurlijk om dat het ‘gelijk loon voor gelijk werk’-principe in uw gehele organisatie doorwerkt.

3. Let bij het toepassen van de inlenersbelining op met uitzonderingsgroepen

De specifieke uitzonderingsgroepen waarvoor de inlenersbeloning niet geldt, zijn niet voor niets uitzonderingen, want ze zijn moeilijker te bemiddelen. Mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt vallen hier bijvoorbeeld onder, denk aan langdurig werklozen. Maar voordat u iemand onder deze uitzonderingsgroep schaart, moet u dat wel bewijzen met harde feiten.

4. De inlener is aansprakelijk voor het juiste loon

Met de ingang van de Wet aanpak schijnconstructies per 1 juli kan de uitzendkracht, als hij bij het uitzendbureau geen compensatie krijgt, hier nu ook voor aankloppen bij de inlener. Voor opdrachtgevers is dat een verhoogd risico. Een uitzendkracht kan namelijk direct een claim bij hem neerleggen, gesteund door wetgeving. Mocht het tot een rechtszaak komen, dan zal de rechter aan zijn kant staan.

Dit is een verkorte versie van het originele artikel op PW De Gids. Lees het hele artikel hier.