Nieuws

shutterstock_puzzel werk samen

Zo werkt HR met nieuwe zzp-contracten

De beslissing is genomen: opdrachtgevers en zzp’ers moeten vanaf 1 mei echt gaan werken met de nieuwe modelovereenkomsten via de  de Wet deregulering arbeidsrelaties (Wet DBA). Zowel werkgevers als zelfstandigen krijgen een jaar om aan de nieuwe contracten te wennen, zo besloot de Eerste Kamer onlangs.
Want wat heeft de Wet DBA nu precies voor gevolgen voor uw praktijk als opdrachtgever? En hoe kunt u het risico van naheffingen voorkomen? Dik van Leeuwerden, manager van het kenniscentrum wet- en regelgeving bij salarisdienstverlener ADP, zet de feiten op een rij.

Naheffingen voorkomen in Wet DBA
De winst van de Wet DBA lijkt vooralsnog vooral bij de Belastingdienst te liggen. Want de Wet DBA doet, wat betreft de ‘deregulering’, zijn naam eer aan. Waar onder de VAR de discussie of er sprake is van een (fictief) dienstverband wettelijk nog wettelijk is geregeld, spreekt de nieuwe belasting- of sociale zekerheidswetgeving daar niet over! Wat blijft om te toetsen zijn de echte dienstbetrekking en de fictieve dienstbetrekkingen.
Hoe kunnen een opdrachtnemer en een opdrachtgever dan toch nog een overeenkomst aangaan zonder het risico van naheffingen (>PW De Gids)? Daarover is dus niets terug te vinden in de Wet DBA. Uit de memorie van toelichting blijkt dat partijen zowel op sectoraal als op individueel niveau modelovereenkomsten kunnen voorleggen aan de Belastingdienst. De Belastingdienst beoordeelt de overeenkomst en wanneer de inspecteurs óf een gezagsverhouding, óf de verplichting tot het persoonlijk verrichten van arbeid uitsluit (wanneer het werk niet zonder toestemming van de opdrachtgever kan worden uitbesteed aan een ander) dan is er geen sprake van een echte dienstbetrekking. De opdrachtgever is in dat geval gevrijwaard van het afdragen van loonheffingen. Voorwaarde is natuurlijk wel dat de feitelijke invulling van de arbeidsrelatie en het werk zo is als in de overeenkomst wordt omschreven.

Lees ook: Fout in nieuwe zzp-belastingtoets (>PW De Gids)

Toetsing nieuwe overeenkomst?

En daar zit volgens mij nu net de kneep. Want hoe gaat de Belastingdienst dat controleren? Hebben ze daar wel voldoende mankracht voor? En hoe strikt moet de feitelijke naleving van de overeenkomst dan eigenlijk zijn? Als een zzp’er in de bouw volgens de overeenkomst bijvoorbeeld moet werken met zijn eigen gereedschap, maar wel gebruikt maakt van de betonmolen op de bouwplaats, hoe streng zullen inspecteurs hierover oordelen?
Allemaal vragen waarop nog niemand het antwoord heeft. Momenteel werkt de Belastingdienst aan een handreiking die ook openbaar zal worden gemaakt. Om de fictieve dienstbetrekkingen uit te sluiten is er een aparte paragraaf in de overeenkomst opgenomen dat partijen ook aangeven dat er geen fictieve dienstbetrekking als artiest, thuiswerker of gelijkgestelde ontstaat.
Staatssecretaris Wiebes van Financiën gaat regelen dat wanneer zo’n bepaling is opgenomen, er geen sprake is van een fictieve dienstbetrekking. De fictieve dienstbetrekking van commissarissen valt overigens niet meer uit te sluiten. Maar hier heeft de staatssecretaris een heel praktische toezegging voor gedaan: de fictieve dienstbetrekking voor commissarissen wordt afgeschaft. In ieder geval iets wat de praktijk van HR- en salarisadministratie de nodige communicatie met de commissarissen bespaart.

TIP: Meer weten? Laat u bijpraten over de nieuwe Wet DBA op het Congres Flexibilisering op 24 mei in Houten. Bekijk hier het programma

Wet DBA: tips voor werkgevers
Alles overziend is het eigenlijk wel vreemd dat de Wet DBA is goedgekeurd terwijl we nog niet weten hoe de toetsing in de praktijk zal werken. Want hoe gaat de richtlijn van de Belastingdienst er uit zien? Voor 1 mei zal de richtlijn er wel komen en krijgen opdrachtgevers en zzp’ers meer duidelijkheid, maar een concrete datum is nog niet bekend. Het is dan ook niet ondenkbaar dat er zeker in de beginperiode veel discussie zal zijn. Met name tussen de Belastingdienst en werkgevers, voor wie het risico het grootst zal zijn.
Het beste wat u als opdrachtgever op dit moment kunt doen is uw interne procedure met betrekking tot het inhuren van zzp’ers eens goed onder de loep te nemen. Wie gaat daarover? HR, inkoop? En de collega’s die freelancers praktisch inhuren, weten zij welke modelovereenkomst uw organisatie hanteert en welke voorwaarden daarbij horen? Overeenstemming over dit soort zaken is belangrijk: zo handelt iedereen op dezelfde manier en worden fouten – of fictieve dienstbetrekkingen – voorkomen.
Kijk verder of u gebruik kunt maken van de modelovereenkomsten die al zijn goedgekeurd en gepubliceerd door de Belastingdienst. Anders moet u een eigen modelovereenkomst opmaken en deze ter goedkeuring voorleggen. Hou hierbij wel goed in de gaten dat er een fiscale vrijwaring geldt voor u als opdrachtgever, maar bedenk dat voor de beoordeling of er werkelijk civielrechtelijk een arbeidsovereenkomst is ontstaan, de rechter altijd het laatste woord heeft.
Ten slotte is het belangrijk goed de vinger aan de pols te houden op het moment dat u met een modelovereenkomst werkt. Werken jullie in de praktijk daadwerkelijk conform de overeenkomst? Gaat de opdracht niet te veel lijken op een dienstbetrekking? Een freelancer opnemen in de aanwezigheidsregistratie, opnemen in e-maillijsten, bedrijfskleding laten dragen of meenemen in alle teamvergaderingen lijken onschuldige zaken. Toch kan de optelsom de inspecteur en/of de rechter later geloven dat er sprake is van meer dan een opdracht. Natuurlijk wilt u ook zelfstandigen binden aan de organisatie, maar blijf acteren als opdrachtgever en opdrachtnemer.

Over de auteur: Dik van Leeuwerden is manager van het kenniscentrum wet- en regelgeving bij salarisdienstverlener ADP. Lees het volledige artikel op PW De Gids.