Verdieping

De manager en de vakman

SPP: Wat bedrijven kunnen leren van landen

Niet alleen bedrijven houden zich bezig met strategische personeelsplanning, ook landen kijken met een kritisch oog naar de beroepsbevolking om te zien welke essentiële vaardigheden nog worden gemist.

Dat schrijft The Conference Board in de studie Addressing National Talent Shortages: What Countries Are Doing, What Companies Can Learn.
Voor het rapport werd gekeken naar arbeidsmarktinitiatieven in Canada, India en Singapore. India heeft zich bijvoorbeeld een zware taak gesteld. Nu is het nog zo dat 84 procent van de mensen werkzaam is in de informele economie, slechts 2 procent van de werknemers heeft een opleiding gevolgd voor zijn werk. Overheid en bedrijfsleven werken samen in de National Skill Development Corporation (NSDC) om er voor 2022 voor te zorgen dat 150 miljoen Indiërs een vorm van scholing hebben gekregen. Om in kaart te brengen welke vaardigheden worden gevraagd door de arbeidsmarkt, werkt de NSDC samen met werkgevers in 22 snelgroeiende sectoren.

Canada, waar de bevolking grotendeels goed is opgeleid, kent desondanks eigen problemen. De economie is voor meer dan de helft afhankelijk van internationale handel, maar Canada moet op de internationale markten terrein prijsgeven aan concurrerende economieën. Het Forum for International Trade Training (FITT) keek wat de handelssector aan vaardigheden nodig heeft, en vergeleek die met de beroepsbevolking van Canada. Op basis daarvan werd een opleidingsstrategie ontwikkeld om de concurrentiepositie van Canada als een internationale handelspartner te versterken.

De ontwikkeling van Singapore als een armlastige voormalige kolonie naar een van de belangrijkste economieën van Azië is te danken aan de samenwerking van overheid, bedrijfsleven en werknemers. Het land kent een Ministry of Manpower (MOM), een overheidsdepartement dat ervoor moet zorgen dat het land de beroepsbevolking heeft die de economische doelen kunnen waarmaken. MOM houdt in de gaten of er frictie is tussen vraag en aanbod op de arbeidsmarkt. Daar waar er hiaten zijn, zorgt MOM ervoor dat deze worden gedicht door de pijplijn van talent gevuld te houden. Hiervoor wordt hoger onderwijs ingezet, beroepsonderwijs, incentive-programma’s en beleid voor buitenlandse werknemers.

“Deze landen zijn de echte voorlopers. Zij gebruiken strategische personeelsplanning om hun nationale economische agenda te bevorderen, op vrijwel dezelfde manier waarop bedrijven SPP gebruiken om hun business strategie uit te voeren”, zegt Mary Young, auteur van het rapport. “Regeringen noemen het geen strategische personeelsplanning, maar het doel om het menselijk kapitaal in lijn te brengen met de economische prioriteiten is hetzelfde en er hangt nog meer van af.”
Van de drie bestudeerde voorbeelden – een kleine rijke stadstaat, een land met een schat aan natuurlijke bronnen en een opkomende economie met bijna onbegrensd menselijk potentieel – kunnen volgens Young niet alleen andere regeringen, maar ook bedrijven wat leren.