Scenarioplanning

labyrinth

De baanloze economie komt er wel/niet

Twintig jaar geleden voorspelde Jacco van den Berg dat er vandaag de dag een schreeuwend tekort aan medewerkers zou zijn. In plaats daarvan lijkt er volgens de eigenaar van trainingsbureau Van den Berg Training & Advies nu een baanloze economie te ontstaan. Of toch niet?

Hoewel de economische crisis dempend werkt op de groei van de werkgelegenheid klinkt toch ook steeds vaker het geluid dat het wel mee meevalt met de eerdere gedachte dat een schreeuwend tekort aan medewerkers zou ontstaan. De redenen hiervoor zijn de verschuivingen van het economische hart naar het Verre Oosten en dat technische ontwikkelingen arbeid in sommige sectoren overbodig heeft gemaakt. Vakanties zijn nu bijvoorbeeld in drie muisklikken geboekt en betaald, muziek wordt gedownload met Spotify en via een gratis loopbaanadvies-app kunnen belangstellenden hun werkende toekomst verkennen. Overdag zijn er in woonwijken heuse files van busjes die van alles en nog wat tot aan de voordeur bezorgen en bankfilialen sluiten rap hun deuren. Voorbeelden die twintig jaar geleden toekomstmuziek waren.
Als we terugblikken wordt duidelijk dat veel banen die twintig jaar geleden bestonden, nu verdwenen zijn. En als we een doorkijk maken naar de komende twintig jaar is ongetwijfeld een groot deel van de huidige banen verdwenen. Zo leert onderzoek naar de toekomst van werkgelegenheid van Frey en Osborn (Universiteit van Oxford, 2013) dat de huidige technologische ontwikkelingen tot gevolg hebben dat de komende twintig jaar 30 tot 50 procent van de banen in de middenklasse verdwijnen. Voorspellers in de VS beweren zelfs dat de helft van die banen wordt geautomatiseerd.

TIP: Jacco van den Berg is spreker op het  Congres Over Personeelsplanning op 25 november en vertelt met welke toekomstvraagstukken u rekening moet houden in uw strategische personeelsplanning.

Banenkrimp in Nederland

Of deze ontwikkelingen één op één door te trekken zijn naar Nederland is lastig te voorspellen. Wel had Nederland de afgelopen jaren te maken met banenkrimp. Nieuw hieraan is dat deze krimp niet meer gecompenseerd wordt door de banengroei in de collectieve sector. Een simultane daling van het aantal banen dus in de markt- én collectieve sector en de zorg is in 2014 niet de banenmotor. Los van bezuinigen en crisis gaan veel mensen in de zorg aan de slag of blijven in de sector werken. In tegenstelling tot de computer beschikken verzorgers wel over de noodzakelijke intuïtie en kunnen ze, als ze een beetje deugen voor hun vak, emotioneel communiceren.
Als we verder kijken, dan verwacht onderzoeksbureau Panteia voor 2020 geen algemene krapte, maar wel schaarste in sommige beroepen. Het bureau verwacht aanzienlijke tekorten bij technische beroepen, in transport- en (para)medische functies en overschotten bij elementaire beroepen. Dit bevestigt het beeld dat het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt eerder schetste.
De trend dat beroepen op automatiseringsgebied uitsterven, is onomkeerbaar. Zo wordt bijvoorbeeld steeds meer kennis vergaard via webinars en Google Glass. De stelling ‘de secretaresse wordt vervangen door een app’ is lang niet meer zo gedurfd als twee jaar geleden. Door kunstmatige intelligentie en robotica stijgt de arbeidsproductiviteit weliswaar, maar computers gaan een nog belangrijkere rol op onze arbeidsplek spelen.

Slimmer dan de robot

Voor medewerkers wordt het meer dan ooit noodzaak slimmer te blijven dan de computer; anders kiezen werkgevers voor de computer. Dus nog meer opleidingen in omgaan met robots en computers. Ook in beroepen en functies die niet direct tot de ICT worden gerekend, zoals communicatie, de zorg en transport en logistiek. Slimmer, efficiënter werken betekent meer doen in minder tijd en daarmee toon je je als medewerkers je meerwaarde aan bij je werkgever. “Over tien jaar moeten we ons als werknemer veel meer zelf verkopen, alsof we een kleine ondernemer zijn. We moeten zelf onze vaardigheden in de etalage zetten en vaker terug naar school om onze kennis te vernieuwen. Wel gaan we minder werken. Nog maar drie dagen in de week”, denkt Reinier Castelein, de voorzitter van vakbond De Unie.

Lees ook: Verdwijnt de ‘H’ in Human Resources?

Baanloze economie?

Of de baanloze economie er komt? De geleerden zijn het er niet over eens. Het is nog steeds zo dat na een periode van werkloosheid de meeste ‘stempelaars’ weer werk vinden, ondanks een voortdenderende technologie en uitdijende bevolking. En wat te denken van reshoring, omdat de traditionele lagelonenlanden steeds duurder worden door toenemende productievraag van massamarkten als China? “Voorlopig lijkt het verdwijnen van banen door technologie geen reden tot paniek, al zijn er wel redenen je zorgen te maken”, aldus Mark Dijkstra, promovendus economie aan de Universiteit van Amsterdam. Hij stelt dat het einde van werkgelegenheid al vaker is aangekondigd en vraagt zich af waarom nu wel ineens alle banen zouden verdwijnen.
Hoe moet een HR-professional met het troebele beeld van de toekomstige arbeidsmarkt omgaan? Natuurlijk (big) data over de arbeidsmarkt blijven verzamelen, die vertalen naar de sector en proberen een doorkijk te maken naar drie tot vijf jaar later. Bij grote behoefte aan arbeidskrachten moet HR zorgen voor een aantrekkelijk werkgeversimago. Voor organisaties waar het werk rap wordt geautomatiseerd, betekent dit krimpscenario’s ontwikkelen.
Wat een zekerheid blijft, is het thema duurzame inzetbaarheid. Om jobfixatie te voorkomen is permanente educatie nog meer noodzakelijk. Dit betekent onder meer meer functieroulatie, detachering bij andere organisatieonderdelen, wisselende opdrachten, blijven bijscholen, trainen on the job en on the fly (waar en wanneer maar nodig, door wie het maar kan). Een breed scala aan gelegenheidsinstrumenten die de duurzame inzetbaarheid bevorderen en de weer- en wendbaarheid bij de mensen zelf vergroten. De voorzichtige initiatieven om medewerkers die in deze ontwikkeling niet meekomen (lees: onvoldoende toegevoegde waarde bieden) minder te belonen, zet zich door.